Ga naar hoofdinhoud

Welke strategie wanneer?

Het verband in één zin: de strategie volgt uit je situatie — wat weet ik al bepaalt hoe je zoekt, hoeveel treffers heb ik bepaalt hoe diep je leest, en wat ga ik ermee doen bepaalt of scannen genoeg is of dat je een artikel grondig moet lezen.

De beslistabel​

Je situatieZoek zoLees zo
Ik weet nog niets van het onderwerpGoogle Scholar, filter Overzichtsartikelen, laatste vijf jaarEén overzichtsartikelOverzichtsartikel — Artikel dat de stand van zaken in een vakgebied samenvat (Engels: review); het beste startpunt. Klik voor meer → grondig; dat is je kaart van het vakgebied
Ik heb één goed artikelSneeuwballen: literatuurlijst achteruit, Geciteerd door vooruitScan alles wat je vindt, skim de beste
Ik heb veertig treffersStop met zoeken — dat is genoegScan alle abstracts (30 s per stuk), skim de acht beste, lees er drie grondig
Ik wil weten wat het nieuwste isSorteer op datum; Semantic Scholar research feedSkimmen is genoeg, tenzij het precies jouw vraag is
Ik twijfel of een bron te vertrouwen isCheck peer review, vergelijk citaties met vergelijkbare artikelenLees de methodesectie zelf
Ik wil weten wie deze auteur eigenlijk isOnderzoek de onderzoeker: functie, onderwerp, h-index vergeleken met vakgenoten, intrekkingen, financieringLet op de auteurvolgorde: wie deed het werk?
Het artikel zit achter een betaalmuurAlle versies in Google Scholar, Has PDF in Semantic Scholar, Unpaywall, of mail de auteur: zie BetaalmurenAlleen het abstract? Kies dan een vergelijkbaar artikel dat je helemaal kunt lezen
Ik ga deze bron gebruiken in mijn conclusie—Altijd deep reading, geen uitzonderingen
Ik vind nietsBredere zoektermen, Engels, synoniemen; zoek een naastliggend onderwerpSkim een overzichtsartikel van dat naastliggende onderwerp: wie werkt hieraan en hoe noemen zij het?

Het leesbudget​

Een goede vuistregel voor een profielwerkstuk, als je vijftig treffers hebt:

LaagAantalTijd per stukTotaal
Abstract scannen5030 seconden25 minuten
Skimmen1010 minuten1,5 uur
Deep reading3 tot 51 tot 3 uur4 tot 10 uur

Bijna al je tijd gaat naar drie tot vijf artikelen. Dat is de bedoeling: die vormen de ruggengraat van je theoretisch kader. De andere 45 heb je niet voor niets bekeken — ze bewijzen dat je de goede hebt gekozen.

Twee vragen die alles beslissen​

Waarom dit artikel? Kun je in één zin zeggen waarom je juist dit artikel grondig gaat lezen ("het is het meest geciteerde experiment over precies mijn vraag bij scholieren"), dan mag je beginnen. Kun je het niet, dan ben je nog aan het scannen.

Wat ga ik ermee beweren? Een bron die je alleen noemt als voorbeeld ("er is veel onderzoek naar slaap gedaan") mag je skimmen. Een bron waar je een bewering op bouwt ("slaaptekort vertraagt de reactietijd") moet je grondig gelezen hebben — inclusief de methode, want daar zit de vraag hoe ver die bewering reikt.

De valkuil is niet te weinig lezen, maar op het verkeerde niveau

Wie elk artikel grondig leest, komt niet verder dan vijf treffers. Wie alles scant, weet van niets genoeg. De vaardigheid zit in het schakelen: snel waar het kan, grondig waar het moet.

Oefenen: welke strategie?​

1Je begint aan je profielwerkstuk over microplastics en weet er nog niets van. Wat doe je eerst?

2Je hebt één artikel gevonden dat precies over jouw deelvraag gaat. Hoe kom je aan meer?

3Je hebt dertig treffers en twee uur. Wat is de beste verdeling?

4In je conclusie wil je schrijven: ‘Uit onderzoek blijkt dat een nacht slaaptekort de reactietijd met 12% vertraagt.’ Wat moet je met die bron gedaan hebben?

5Een artikel heeft 4.000 citaties. Wat weet je nu?

6Je vindt een preprint van vorige maand die precies jouw vraag beantwoordt. Wat doe je?

Hangt samen met​