Ga naar hoofdinhoud

Van vijftig naar drie

Naam:  .........................................     Klas:  ..................     Deelvraag:  .........................................

Voor de docent — duur, groepsvorm, beoordeling

Duur: 2 lesuren, plus deep reading van één artikel als huiswerk.

Groepsvorm: individueel of in tweetallen met dezelfde deelvraag. Elke leerling levert een eigen werkblad in.

Tijdsindeling: stap 1 zoektermen (10 min) · stap 2 zoeken (15 min) · stap 3 scannen (15 min) · stap 4 beoordelen (15 min) · stap 5 skimmen (25 min) · stap 6 verantwoorden (10 min) · nabespreking (10 min).

Nodig: per leerling een laptop, een deelvraag uit het eigen onderzoek (of een deelvraag van jou), het werkblad op papier en het hoofdstuk Literatuurstudie op het scherm.

Beoordeling: beoordeel niet welke bronnen gevonden zijn, maar de keuzes: kan de leerling in de verantwoording (stap 6) uitleggen waarom juist deze drie, en waarom de afvallers afvielen? Het werkblad laat zien of de trechter echt is doorlopen of dat de leerling bij de eerste treffer is blijven hangen.

Variant voor één lesuur: geef iedereen dezelfde deelvraag en een vooraf gekozen lijst van acht abstracts (geprint). Sla stap 1 en 2 over en begin bij scannen; stap 5 doe je klassikaal met één artikel.

Valkuil: leerlingen beginnen te vroeg grondig te lezen — meestal bij het eerste artikel dat er goed uitziet. Houd de tijd per stap strak en benoem het hardop: in stap 3 lees je alleen de samenvatting, ook al is het artikel nog zo interessant.

Printen: de knop bovenaan drukt het werkblad af op twee A4: de scantabel van stap 3 op het eerste vel; de auteurscheck van stap 4, de skimresultaten van stap 5 en de keuze van stap 6 op het tweede. De zoektermen van stap 1 noteren leerlingen op de achterkant of in hun schrift. De uitleg blijft op het scherm.

Waar gaat dit over?​

Voor je theoretisch kader heb je een paar goede bronnen nodig. Niet veertig, maar drie of vier die precies over je deelvraag gaan en te vertrouwen zijn. In deze werkvorm doorloop je de hele trechter voor één deelvraag uit je eigen onderzoek: zoeken, scannen, beoordelen, skimmen — en aan het eind kiezen en uitleggen waaróm.

De regel die alles bepaalt: per stap lees je precies zo veel als die stap vraagt, en geen zin meer. In stap 3 alleen de samenvatting. In stap 5 alleen kopjes, figuren en conclusie. Grondig lezen komt pas als het werkblad vol is.

Stap 1 — Zoektermen (10 min)​

Schrijf je deelvraag bovenaan het werkblad en haal er de twee of drie kernbegrippen uit. Maak per begrip een rijtje: synoniemen en de Engelse vertaling. Zie Zoektermen. Noteer ze op de achterkant van je werkblad of in je schrift.

KernbegripSynoniemenEngels

Stap 2 — Zoeken (15 min)​

  1. Open Google Scholar en combineer je Engelse zoektermen. Scholar meldt vaak tienduizenden treffers; dat is niet erg, want je kijkt alleen naar de eerste pagina's. Gaan de bovenste treffers vooral over iets anders? Maak je zoekterm specifieker. Vind je nauwelijks iets? Maak hem breder.
  2. Zet het filter Overzichtsartikelen aan en beperk tot de laatste vijf jaar. Kies het meest geciteerde overzichtsartikel dat over jouw vraag gaat: dat is je startpunt. Is er geen overzichtsartikel, neem dan het meest geciteerde gewone artikel dat precies over je vraag gaat.
  3. Sneeuwbal vanuit dat startpunt: vooruit via Geciteerd door, achteruit via de literatuurlijst. Loop zo in totaal een stuk of vijftig titels langs en verzamel acht kandidaten — artikelen waarvan de titel over jouw deelvraag lijkt te gaan. Kijk meteen of je bij de volledige tekst kunt; zo niet, probeer de tips bij Betaalmuren of kies een andere kandidaat.

Je hebt nu acht titels. Je hebt er nog niet één gelezen, en dat is precies goed.

Stap 3 — Scannen (15 min)​

Lees van elk van de acht kandidaten alleen het abstract. Dertig seconden per stuk, drie vragen, dan beslissen.

Eerste auteur, jaarOver mijn vraag? Bij wie, hoe?Uitkomst in één zinHouden?

Stap 4 — Beoordelen (15 min)​

Kijk van de kandidaten die je houdt naar twee dingen: staat het in een tijdschrift met peer review, en hoeveel citaties heeft het vergeleken met de andere kandidaten uit ongeveer hetzelfde jaar? Zet een kruis door wat niet door de keuring komt.

Kies daarna je sterkste kandidaat en onderzoek de eerste auteur in vijf minuten. Vul de check hieronder in.

Auteurscheck (stap 4)​

Eerste auteur van mijn sterkste kandidaat:
1. Functie en werkgever promovendus, docent, hoogleraar? universiteit of bedrijf?
2. Publiceert over dít onderwerp? Scholar-profiel: onderwerpen, aantal artikelen
3. Plek in het vakgebied citaties en h-index vergeleken met vakgenoten; vooraan of achteraan in de auteurslijst?
4. Ingetrokken werk? Retraction Watch Database
5. Wie betaalt? funding statement, belangen

Stap 5 — Skimmen (25 min)​

Neem de drie beste overgebleven kandidaten en skim ze: laatste alinea van de inleiding, kopjes, figuren met onderschrift, conclusie, literatuurlijst. Tien minuten per artikel — zet een timer. Schrijf per artikel twee zinnen op: wat is de vraag, wat is het antwoord.

Skimresultaten (stap 5)​

ArtikelVraag en antwoord in twee zinnen
1
2
3

Stap 6 — Kiezen en verantwoorden (10 min)​

Mijn drie bronnenWaarom deze?
1
2
3
Deze lees ik grondig (nummer):Waarom juist die?

Het artikel dat je kiest voor deep reading lees je als huiswerk, met de vier spelregels ernaast. Daarna krijgen alle drie een rij in je literatuurmatrix.

Nabespreking​

  • Hoeveel treffers had je in stap 2, en hoeveel hield je over na stap 3? Wat viel af, en waarom?
  • Bij welke kandidaat leek het abstract beter dan het artikel bleek na het skimmen?
  • Wat leverde de auteurscheck op — heeft die je keuze veranderd?
  • Waar in de trechter kostte je de meeste tijd, en klopt dat met waar de tijd hóórt te zitten?
Waar het naartoe moet

Niet de drie bronnen zijn het resultaat, maar het feit dat je ze kunt verdedigen. Wie kan uitleggen waarom een bron afviel, heeft de trechter begrepen. Precies die uitleg is wat een theoretisch kader onderscheidt van een rijtje samenvattingen.

Hangt samen met​