Auteursrecht
Auteursrecht is het recht van de maker van een werk om te bepalen of en hoe anderen het mogen overnemen, verspreiden of openbaar maken. Een werk is alles wat iemand creatief heeft gemaakt: een tekst, foto, tekening, grafiek, filmpje, muziekstuk of computerprogramma. Het auteursrecht ontstaat vanzelf zodra het werk af is — er hoeft geen © bij te staan — en geldt tot zeventig jaar na de dood van de maker.
Plagiaat of auteursrecht?
De twee worden vaak door elkaar gehaald, maar ze gaan over iets anders:
| Plagiaat | Auteursrecht | |
|---|---|---|
| De vraag | Noem je wie het bedacht of maakte? | Mag je het überhaupt overnemen? |
| Wie beslist? | De regels van school of universiteit | De wet en de maker |
| Wat los je op met een bronvermelding? | Alles | Niet alles: soms heb je ook toestemming nodig |
| Voorbeeld van een overtreding | Een alinea overnemen zonder bron | Een foto van een fotograaf op je voorblad zetten, met bron maar zonder toestemming |
Bij transparant leer je dat alles wat je overneemt een bronvermelding krijgt. Dat blijft zo. Auteursrecht voegt er een vraag aan toe: mag ik dit wel gebruiken? Het hoort bij de spelregel aanvaardbaar: je houdt je aan de wet en respecteert het werk van anderen.
Wat is beschermd, en wat niet?
- Beschermd is de vorm: de zinnen die iemand schreef, de foto die iemand maakte, de figuur zoals die is ontworpen.
- Niet beschermd zijn feiten, cijfers en ideeën. Dat water bij 100 graden kookt of dat Nederland ruim achttien miljoen inwoners heeft, mag iedereen opschrijven. Een theorie mag je uitleggen in je eigen woorden.
Daar zit een handige uitweg in. Wil je een grafiek uit een artikel gebruiken, maak hem dan zelf na met de cijfers uit dat artikel, en vermeld de bron. Dan gebruik je de gegevens, niet het ontwerp van een ander. Cijfers van het CBS mag je met bronvermelding zelfs vrij hergebruiken.
Wanneer mag je iets overnemen?
Er zijn vier routes:
- Citeren. Het citaatrecht in de Auteurswet staat toe dat je een stukje uit het werk van een ander overneemt, ook een afbeelding, zolang je je aan vijf voorwaarden houdt:
- het werk is rechtmatig openbaar gemaakt;
- het citaat ondersteunt wat jij schrijft: je bespreekt het, het is geen versiering;
- je neemt niet meer over dan nodig is;
- je verandert er niets aan;
- je vermeldt de bron, met de naam van de maker als die bekend is.
- Een open licentie. Veel makers geven vooraf toestemming met een Creative Commons-licentie (zie hieronder).
- Publiek domein. Is de maker meer dan zeventig jaar dood, dan is het werk vrij. Een schilderij van Rembrandt mag je gewoon gebruiken.
- Toestemming vragen. Mail de maker. Voor een schoolwerkstuk zeggen veel mensen ja.
Creative Commons lezen
Een Creative Commons-licentie (CC) zegt wat je zonder te vragen met een werk mag. Je herkent de licentie aan een paar lettercodes:
| Code | Betekenis | Wat moet je doen? |
|---|---|---|
| BY | Naamsvermelding | Noem de maker en de licentie |
| SA | Gelijk delen | Deel wat je ermee maakt onder dezelfde licentie |
| NC | Niet commercieel | Niet gebruiken om geld te verdienen |
| ND | Geen afgeleide werken | Niet bewerken, bijsnijden of aanpassen |
| CC0 | Geen rechten voorbehouden | Je mag alles, een bronvermelding is wel netjes |
CC BY-NC betekent dus: gebruiken mag, met naamsvermelding, maar niet commercieel. Voor een profielwerkstuk is bijna elke CC-licentie bruikbaar, zolang je de maker noemt en niets verandert als er ND staat. Afbeeldingen met zo'n licentie vind je onder meer op Wikimedia Commons en Openverse. Veel wetenschappelijke artikelen die gratis te lezen zijn, hebben ook een CC-licentie; zie Betaalmuren.
Situaties uit je profielwerkstuk
| Situatie | Mag het? | Hoe dan? |
|---|---|---|
| Een zin of alinea uit een artikel citeren | Ja | Tussen aanhalingstekens, kort, met bron |
| Een figuur uit een artikel overnemen om die te bespreken | Meestal ja | Als citaat: je schrijft erover, je verandert niets, je vermeldt de bron. Of check de CC-licentie van het artikel |
| Een foto uit Google Afbeeldingen op je voorblad zetten | Meestal niet | Dan is het versiering, geen citaat. Zoek een afbeelding met een CC-licentie, of maak zelf een foto |
| Een grafiek namaken met cijfers uit een rapport | Ja | Cijfers zijn niet beschermd; vermeld de bron van de cijfers |
| Een vragenlijst uit een ander onderzoek gebruiken | Vaak ja | Vermeld de bron; sommige vragenlijsten zijn beschermd, vraag dan toestemming aan de makers |
| Je werkstuk op de schoolsite of online zetten | Ja, als alles klopt | Iedereen kan het nu zien, ook de maker van elke afbeelding erin. Loop alle overgenomen beelden nog een keer na |
| Een artikel of hoofdstuk in een AI-chatbot stoppen | Pas op | Dan geef je beschermd werk door aan een bedrijf. Veel universiteiten raden dat af of verbieden het; volg de regels van je school |
AI en auteursrecht
Bij AI spelen twee vragen:
- Is wat de AI maakt beschermd? In de Europese Unie ontstaat auteursrecht alleen als een mens de creatieve keuzes maakt. Wat een AI volledig zelf maakt, is daarom waarschijnlijk door niemand beschermd. Bewerk je de uitkomst flink zelf, dan kan dat anders liggen. Juristen zijn het over de grenzen nog niet eens.
- Mag je beschermd werk in een AI stoppen? Daarmee verspreid je het werk van een ander. Veel universiteiten vragen studenten om geen beschermd materiaal in AI-hulpmiddelen te uploaden; zie Universiteiten en AI.
Ook als een AI-plaatje door niemand beschermd is: meld dat je het met AI hebt gemaakt. Dat is geen kwestie van auteursrecht, maar van transparantie.
Portretrecht
Staat er een herkenbaar persoon op een foto of in een filmpje, dan heeft die persoon ook iets te zeggen: dat heet portretrecht. Maak je bij je onderzoek foto's of video-opnamen van deelnemers of voorbijgangers, vraag dan vooraf toestemming, en vraag die opnieuw als je de beelden wilt publiceren. Herkenbare beelden zijn bovendien persoonsgegevens, waarvoor de privacyregels gelden die bij aanvaardbaar staan.
"Ik heb de bron er toch onder gezet?" Daarmee voorkom je plagiaat, maar je hebt nog geen toestemming. En "het stond gewoon op internet" betekent niet dat het vrij is: bijna alles online is beschermd, ook als er geen © bij staat. Vraag je bij elke afbeelding af: bespreek ik dit (citaat), heeft het een open licentie, of heb ik toestemming? Is het antwoord drie keer nee, gebruik het dan niet.
Je bespreekt in je verslag een grafiek uit een artikel, neemt die ongewijzigd over met de bron eronder, en kiest voor je voorblad een foto van Wikimedia Commons met de maker en de licentie erbij.
Je zet een mooie foto uit Google Afbeeldingen op je voorblad en bij elk hoofdstuk, met ‘bron: Google’ eronder, en plaatst het werkstuk daarna op de schoolsite.
In 2011 liet de Britse natuurfotograaf David Slater in Indonesië zijn camera onbeheerd achter tussen een groep kuifmakaken. Een van de apen, later Naruto genoemd, drukte op de knop en maakte een reeks selfies, waarvan een met een brede grijns wereldberoemd werd. Wie had nu het auteursrecht? Slater vond dat de foto van hem was: het was zijn camera en zijn reis. Wikimedia weigerde de foto te verwijderen: er was geen menselijke maker, dus geen auteursrecht. Het Amerikaanse bureau voor auteursrecht verklaarde dat het geen werken registreert die door dieren zijn gemaakt. Dierenrechtenorganisatie PETA spande daarna namens de aap een rechtszaak aan. In 2018 oordeelde een Amerikaans hof van beroep dat een dier geen auteursrechtzaak kan voeren. Slater had de zaak toen al geschikt: een kwart van wat de foto's hem voortaan opleveren, gaat naar de bescherming van de kuifmakaak.
Wat je hiervan leert: auteursrecht hoort bij een menselijke maker. Precies die vraag speelt nu bij AI: als niet een aap maar een computer op de knop drukt, van wie is het werk dan?
Hangt samen met
- Transparant — bronvermelding, de andere helft van eerlijk overnemen
- Aanvaardbaar — toestemming en privacy, ook bij foto's van deelnemers
- Betaalmuren — waar je Creative Commons-licenties bij artikelen tegenkomt
- Universiteiten en AI — wat je wel en niet in een chatbot mag stoppen