Ga naar hoofdinhoud

Kwantitatief onderzoek

Definitie

Bij kwantitatief onderzoek verzamel je gegevens die je in getallen kunt uitdrukken: aantallen, percentages, gemiddelden. Je wilt weten hoeveel, hoe vaak of hoe groot iets is — en je wilt groepen kunnen vergelijken. Kwantiteit = hoeveelheid.

In gewone taal: je verzamelt cijfers: hoeveel, hoe vaak, hoe groot. Kwantitatief télt.

Voorbeelden​

  • Een enquête met gesloten vragen: "Hoeveel uur per dag zit je op je telefoon? ○ 0–2 ○ 2–4 ○ meer dan 4"
  • Turven hoeveel leerlingen in de pauze de trap of de lift nemen.
  • Meten hoeveel seconden gebruikers nodig hebben om iets in je app te vinden.
  • Cijfers vergelijken: gemiddelde toetsscores mét en zonder muziek.

Sterk en zwak​

Sterk in: vergelijken en onderbouwen. Cijfers kun je in tabellen en grafieken zetten, gemiddelden uitrekenen en naast elkaar leggen. Met genoeg deelnemers wordt je resultaat betrouwbaar: toeval bepaalt dan minder de uitkomst. Zijn ze bovendien representatief, dan kun je voorzichtig generaliseren — een grote groep alleen is daarvoor niet genoeg.

Let op

Cijfers vertellen niet waarom iets zo is. Dat 70% van de leerlingen de aula te druk vindt, zegt nog niet wat er precies stoort of wat er beter kan. Daarvoor heb je kwalitatief onderzoek nodig.

✓ Dit is het wél

68% van de leerlingen geeft de kantine een 6 of lager — een percentage dat je kunt vergelijken.

✗ Dit is het níét

Vijf leerlingen vertellen wat er volgens hen mis is met de kantine — dat zijn woorden: kwalitatief.

Hangt samen met​